dinsdag 26 februari 2013

Onafhankelijk en toch verbonden


Bezoek aan de Jonagemeenschap in Kortrijk

Van buiten is het een klein, modern kerkje, zonder toren. Van binnen is er een hoek gereed gemaakt voor een intieme viering met enkel de verlichting van kaarsjes. Een kruisikoon en de "icoon van Jezus' vriendschap", zitkussens en meditatiebankjes, een wierookvat, de bijbel, een laptop met beamer en een laken dat als scherm dienst doet, vormen het decor. Hier, te midden van moderne huizen in een buitenwijk van Kortrijk, komt de Jonagemeenschap maandelijks bijeen voor een gebedsdienst in de geest van Taizé. Het is een gemeenschap van ongeveer dertig mensen, variërend in leeftijd van 26 tot 36 jaar, die zich op verschillende manieren engageert met de christelijke traditie. Alle activiteiten worden georganiseerd in eigen beheer. De groep draait puur op vrijwilligers; er is geen voorganger die door het bisdom werd aangesteld.

De gebedsdienst, deze keer met het thema In-ge-bed, begint na een korte inleiding en het zingen van het Lied aan het Licht met het gezamenlijke openingsgebed. De beamer wordt gebruikt om Amanda Strydoms Pelgrimslied te beluisteren en om te kijken naar een gesprek met de abt van het klooster van Orval, dit laatste vanuit de  invalshoek hoe iemand professioneel is ingebed. Het Taizé-lied Confitemini Domino wordt gezongen, waarna het evangelie van de gedaanteverandering (Lc 8, 28-35) wordt gelezen. Dan is er een stille tijd van zo'n zes minuten, gevolgd door de voorbeden en een acclamatielied. Met het gezamenlijke slotgebed, een zending en zegen en het lied Onze Vader verborgen wordt de viering afgesloten. Het is in essentie een klassieke gebedsdienst, gekenmerkt door eigentijdse getuigenissen in woord en beeld, door momenten van stilte en inkeer, door gezamenlijk gebed en een sfeer van ingetogenheid.


Ware roeping

Voorafgaand aan de viering heb ik gesproken met Thomas Holvoet, een van de ankerfiguren in deze kleine, maar geïnspireerde groep mensen. Mijn eerste vraag geldt de naam van de gemeenschap. 'De bijbelse figuur van Jona,' vertelt Thomas, 'is iemand die zoekt naar zijn ware roeping. Hij heeft de neiging ervoor weg te lopen, maar kan er uiteindelijk toch niet aan ontkomen. Zo zijn wij in onze gemeenschap op zoek naar ieder onze eigen ware roeping. Dat doen we niet alleen door iedere maand in een viering bijeen te komen, maar ook met het Bijbels Leerhuis, geregeld een Bijbelweekend, het Jonacafé en dit jaar voor het eerst een bezoek met onze gemeenschap aan Taizé. Ook zijn er speciale bijeenkomsten en filmvertoningen op de tweede dag van Kerst, Pasen en Pinksteren.' In al die activiteiten is de Jonagemeenschap - aldus de eigen website - 'een christelijk geïnspireerde basisbeweging voor jongeren en volwassenen, geanimeerd door vrijwilligers. Werken aan verbondenheid en vriendschap, (bijbelse) vorming en de maandelijkse gebedsviering vormen de belangrijkste ingrediënten.'

Centraal voor de Jonagemeenschap is het gezamenlijk lezen en actualiseren van de Bijbel. 'We willen de Schrift,' verduidelijkt Thomas, 'graag contextueel lezen. Dus niet alleen de verhalen proberen te verstaan tegen de historische achtergronden van hun ontstaan, maar ook proberen te verstaan wat de verhalen ons vandaag te vertellen hebben. De actualiteit speelt in belangrijke rol in het begrijpen van wat de Bijbel ons te zeggen heeft. We hebben plannen om in de komende tijd het leerhuis te veranderen in een leeshuis, waarbij we ons willen concentreren op het lezen van, misschien jaarlijks, een uitdagend boek.'


Vriendschappen

Als ik vraag naar de kracht van de kleine Jonagemeenschap, antwoord Thomas zonder reserves: 'De onderlinge vriendschappen. We kennen elkaar, we weten van elkaars lief en leed. Maar je moet wel investeren in vriendschappen en in verbondenheid. Het gaat niet vanzelf. Binnen de gemeenschap proberen we die verbindingen te stimuleren, maar de investeringen moeten tenslotte komen van de mensen zelf. Ook in het leerhuis proberen we beter zicht te krijgen op de vraag, hoe je jezelf kunt verbinden met anderen. Binnen de gemeenschap zijn enkele ankerfiguren, die duurzaam investeren in de onderlinge verbondenheid. Maar de grote groep, zo merk ik, is toch enigszins volatiel.' Het stimuleren van verbondenheid is wezenlijk voor iedere christelijke gemeenschap, maar tegelijk hoort het ook bij de huidige tijdgeest, dat die verbondenheid soms maar van een beperkte duur is.

Dat is misschien ook wel het kenmerkende van een basisbeweging die in figuurlijke en letterlijke zin in beweging wil zijn. Thomas bevestigt die beweeglijkheid: 'We doen jaarlijks een evaluatie van onze bezigheden vanuit de vraag, wat we wel en wat we niet willen blijven doen. Het voortdurend bevragen van onze activiteiten is al een beweging in zichzelf. Daar kiezen we bewust voor, omdat we onszelf als beweging ervoor willen behoeden tot een zekere stolling te komen.' De geregelde evaluatie heeft bijvoorbeeld geleid tot het vaststellen van een vernieuwde visietekst in augustus van het vorige jaar. Dit in-beweging-zijn roept het beeld op van een vloeibare kerk, een beeld dat associaties heeft met verfrissend en sprankelend, maar tegelijk met ongrijpbaar en instabiel. Daarmee is in dit ene beeld meteen het krachtige en het kwetsbare karakter van de Jonagemeenschap aangeduid.

Onafhankelijk in verbondenheid

De Jonabeweging is een kleine gemeenschap, die zich zowel maatschappelijk als kerkelijk in de marge bevindt. 'In zekere zin zitten we in een spagaat,' legt Thomas uit. 'Vanuit de samenleving komen er allerlei seculiere verwachtingen op ons af, die van ons verlangen dat wij meegaan met de hoofdstroom. Wij zijn daar niet doof voor, maar vanuit onze joods-christelijke inspiratie willen we ook een tegengeluid laten horen. Solidaire verbondenheid is voor ons belangrijker dan zo hoog mogelijk terecht komen op de maatschappelijke ladder. Anderzijds zitten we ook kerkelijk in de zijlijn, want we willen als basisbeweging niet meegaan in de terugtrekkende, restauratieve ontwikkeling, die de officiële kerk van vandaag maakt. Door deze ontwikkeling wordt de kerk als geheel een marginale beweging in de huidige cultuur, ze wordt steeds sektarischer, met als gevolg dat de zwakkeren in de samenleving daarvan het grootste slachtoffer zijn. Als Jonagemeenschap kiezen we voor een - niet eenvoudige, maar wel bewuste - plaats in deze spagaat. We willen een onafhankelijke beweging zijn, maar wel in solidaire verbondenheid met zowel de kerk als de samenleving, waarvan wij deel uitmaken.'

Van groot belang in deze positie vindt Thomas, dat de onderlinge dialoog wordt open gehouden: 'Dat vraagt om een respectvolle houding over en weer. En vooral om de erkenning dat de waarheid niemands eigendom is, maar slechts in gezamenlijkheid gevonden kan worden. Daarom is het jammer, dat in onze contreien de kerkelijke dialoog tussen traditioneel en progressief niet tot stand is gekomen. Als Jonagemeenschap worden wij door alle bisschoppen van België gekend, maar in wezen slechts gedoogd.'

Ook in die zin - niet alleen omdat het slechts een kleine, broze groep van mensen is - bevindt de Jonagemeenschap zich in een kwetsbare positie, maar men wil anderzijds die positie niet opgeven. De kracht van de onderlinge vriendschappen genereert genoeg enthousiasme om de onafhankelijke positie ten opzichte van kerk en samenleving te kunnen innemen, in het uitdrukkelijke verlangen om juist een solidaire verbondenheid te ontwikkelen met diezelfde kerk en samenleving.